Emersionisme

Bewustzijn ontstaat op mysterieuze wijze vanzelf in sommige complexe systemen, door emersie. Aristoteles beschrijft een emergente visie in zijn „De Anima”, en noemt een oudere vorm, volgens welke de ziel bij het lichaam behoort zoals de melodie bij de lier. Binnen het emersionisme bestaan allerlei deelstromingen, zoals het epifenomenalisme.

Tegenwerping (Emersionisme):
Het emersionisme lijkt mij redelijk.
Antwoord:
Emersionisme in zijn verschillende vormen roept het probleem van de identiteit op: als een exacte copie van mij gemaakt wordt, heeft die dan mijn geest, ben ik dat? Als mijn brein cel voor cel vervangen wordt, blijf ik dan ik? Als binnen mijn hersencellen molecuul na molecuul vervangen wordt (zoals in werkelijkheid gebeurt), blijf ik dan dezelfde? Zie „The Mind's I” voor implicaties. Hieruit volgen ethische problemen: wanneer kan men iemand verantwoordelijk houden voor gedrag uit het verleden?
Een ander probleem betreft de gelijkstelling van zich bewust zijn aan bewustzijn. Dat zich bewust zijn gradaties kent is algemeen aanvaard, maar gradaties in bewustzijn leidt tot ethische problemen: bij welke graad van bewustzijn wordt doden moord?

Emersionisme waarbij de geest de materie niet beïnvloedt is niet bestand tegen het transcendent argument, want ik heb geen basis voor een geloof in andere geesten: zonder geest zou de materie zich niet anders gedragen hebben, dus gedrag geeft geen indicatie van de aanwezigheid van geest. Maar zonder geloof in andere geesten is er geen reden voor geloof in emersionisme, want er is geen te verklaren regelmaat („steeds als die constellatie optreedt is er bewustzijn”).

Als ik twee mensen neem en hun herinneringen uitwissel, zijn ze dan strafbaar voor wat de ander gedaan heeft? Ze herinneren zich het gedaan te hebben, en de werkelijke dader herinnert zich niets van dien aard — meent zelfs zeker te weten op dat moment iets geheel anders gedaan te hebben. De valse dader kan zich schuldig voelen, en kan de straf psychologisch nodig hebben voordat hij de wereld weer recht in de ogen kan kijken.

Tegenwerping (Afbeelding leidt tot bewustzijn):
James P.­Culbertson gelooft in bewustzijn als afbeelding: bewustzijn bestaat daar waar een werkelijkheid in een structuur afgebeeld wordt. Ons brein representeert de waargenomen werkelijkheid, en is zich daar dus bewust van. Hoe geavanceerder de afbeelding, des te hoger het bewustzijn. Zo kan een structuur naast het heden ook de geschiedenis afbeelden.
Antwoord:
Naast het algemene feit dat er geen spat bewijs voor deze en dergelijke vermoedens is, lijdt deze theorie aan meer moeilijkheden.
  • Wellicht de meest volmaakte afbeelding is de identiteit. Welnu, mijn brein beeldt daarme zijn eigen werking perfect af. Zou ik me daarom niet hevig van mijn breinwerking bewust moeten zijn?
  • Wat maakt iets tot afbeelding? Isomorfie kan toevallig zijn. Heeft een structuur die een voetbalwedstrijd afbeeldt die op dat moment plaats heeft wèl, en een overigens identieke structuur die een voetbalwedstrijd afbeeldt die in werkelijkheid niet plaats heeft geen bewustzijn?
  • Met genoeg wiskundige ingeniositeit kan ik wellicht in de dampwolk boven mijn kopje thee een gedetailleerde afbeelding van de omgeving vinden — zoals spionnen met een laser uit het trillen van een raam een in de kamer achter dat raam gehouden gesprek kunnen reconstrueren. Hebben die dampwolk en dat raam daarmee bewustzijn? Zo ja, waarin verschilt deze theorie dan nog van het panpsychisme?
  • Geavanceerde afbeeldingen vergen meestal complexe systemen. Wat genereert daarin de eenheid? Als ik enkel het beeld zie en jij slechts het geluid hoort hebben onze breinen samen wellicht een complete afbeelding van het filmverhaal. Betekent dit dat het systeem bestaande uit onze twee breinen zich van dat verhaal bewust is? Ondergaat dat systeem de emoties die wij individueel missen doordat wij niet de complete film beleven? Stel dat de film komisch is door de wijze waarop beeld en geluid samen gaan, maar ik spanning en jij verdriet beleef, beleeft het samenstel van onze twee breinen dan wel de klucht?
Tegenwerping (Geïntegreerde informatie):
Integrated Information Theory (IIT) stelt dat bewustzijn gelijk is aan maximale causale samenhang van componenten, de mate waarin een systeem „voor zichzelf verschil maakt”. De kleinste eenheid van bewustzijn is een wederzijds causale invloed van twee componenten.
Een constellatie van twee breinen heeft geen bewustzijn, omdat die constellatie gesplitst kan worden zonder verlies van samenhang. Één stel hersenen heeft wel bewustzijn, omdat het niet deelbaar is zonder de totale samenhang drastisch te verminderen. Bij het scheiden van twee breinen neemt de integratie juist toe: elk van de helften is veel samenhangender dan het geheel — ook al is er misschien enige communicatie tussen beide breinen, met als gevolg dat ook de twee breinen samen (een zeer lage graad van) bewustzijn hebben.
De graad van bewustzijn (Φ) is gelijk aan het verlies dat de minst desintegrerende scheiding zou veroorzaken.
Antwoord:
Volgens IIT zou mijn bewustzijn toenemen als allerlei weinig geïntegreerde delen van mijn hersenen verwijderd zouden worden. Ik heb „onderdruk in mijn beenmerg” ervaren; de meeste mensen zullen dat hun hele leven niet ervaren. Het is een gevoel waarvan ik onmogelijk kon zeggen of het nu pijn was of niet — zoals me al voorspeld was door de arten die mijn beenmerg opzogen, want talloze andere patiënten vóór mij hadden dezelfde ervaring gehad. De zenuwen en hersencellen die mij die ervaring gaven hebben in mijn leven slechts een paar keer invloed op de rest van mij gehad, en bij de meeste mensen nooit. Zouden wij meer bewustzijn hebben als die cellen verwijderd werden, en daardoor de overblijvende hersenen meer geïntegreerd waren? Het brein van mijn vrouw heeft (via conversaties en talloze andere wegen) heel wat meer invloed op mijn brein gehad dan die cellen op mijn overige hersenen.
Nagenoeg alles is bewust volgens deze theorie, want iedere twee deeltjes oefenen wederzijdse causale invloed op elkaar uit.
Geldt enkel spatieel separate maar temporeel nauw betrokken integratie als bewustzijnsvormend? Of is een serieel geïmplementeerd parallel systeem ook mogelijk bewust?