Is anthropie natuurkundig noodzakelijk?

Zijn de natuur­wetten soms van dien aard dat anthropie te verwachten is? De natuur­constanten zijn onafhankelijk van de natuurwetten — met andere constanten zouden die wetten even goed verenigbaar zijn —, maar mogelijk zijn er processen die deze constanten waarschijnlijk maken.

Tegenwerping (Heelal benadert anthropie):
Misschien is de anthropische situatie wel een dal, en is het heelal oscillerend. Zo'n pulserend heelal zou vanzelf in de loop van de pulseringen dat dal inlopen.
Antwoord:
Een oscillerend heelal betekent een kleine inflatie; een heelal met grote inflatie sterft de warmtedood. De anthropische toestand schijnt precies op die grens te liggen, dus er is dan geen sprake van een dal, maar hooguit van een richel. Qua inflatie is zulk gedrag inderdaad niet onmogelijk, hoewel a priori ook niet waarschijnlijk. Maar qua aantal dimensies? Qua zwaartekrachtssterkte? Qua al die andere constanten? Als er al een dal zou liggen, zou dat het raadsel enkel groter maken: hoe komt de „design space” van universa juist zo dat er een dal ligt waar leven mogelijk is? Deze „oplossing” verschuift het probleem enkel van ons heelal naar die ontwerpruimte (en maakt het daarbij groter).
Tegenwerping (Heelalaanpassing):
Misschien zijn al die zogenaamde constanten wel variabelen, en is er een proces dat in de richting van de rijkste structuur stuwt.
Antwoord:
De enige „variërende constante” lijkt de lichtsnelheid, die in oudere metingen consequent hoger uitkwam. Als we daar een exponentiële curve doorheen trekken komen we op een lichtsnelheid die zo'n 6000 jaar geleden oneindig was. En veel van de constanten moesten juist rond het moment van de Big Bang de juiste waarde hebben.
Als er zo'n „knoppendraaiend proces” was dat de constanten in de richting van precies de juiste waarde voor bewust leven bewoog, wat is dat dan voor intelligent proces? De één of andere immanente god?

((Te doen.))

Tegenwerping:
Er is een evolutionaire hypothese, dat nieuwe universa uit zwarte gaten ontstaan, zodat er geselecteerd wordt op de waarschijnlijkheid dat zwarte gaten gevormd worden. Dat selecteert dan meteen op C₁₂, en daarmee op leven.
Antwoord:
Dit zou sommige van de waarden kunnen verklaren, maar andere niet — en weer andere zeer onverklaarbaar maken. Zo zou er als de dichtheid van het heelal ook maar iets meer gefluctueerd had een groot aantal zwarte gaten zijn ontstaan — en geen leven. Een evolutionair proces zou die grotere dichtheid geselecteerd hebben.
Tegenwerping:
Nog onbekende wetten maken dat er geen andere mogelijkheden waren, geen vrijheidsgraden.
Antwoord:
Dat zou kunnen, maar wordt de vraag des te prangender hoe te verklaren is dat leven mogelijk is. De noodzakelijkheid dwingt nou net dat éne leefbare universum af — en we kunnen ons niet beroepen op een multiversum, of variatie, of evolutie, om dat te verklaren.
Tegenwerping:
De vraag is niet beantwoordbaar, omdat de meeste feiten waar zijn zonder reden
Antwoord:
((Te doen.))

((Te doen.))

Sommige (asymptotische benaderingen van) extreme waarden zijn mogelijk wel zo verklaarbaar. Zo zou inflatie verklaren waarom het heelal bijna plat en bijna entropieloos is. Het zijn de aleatoire waarden die willekeurig (door een wil gekozen) lijken.

Tracker fields: Jeremiah Ostriker, Paul J.­Steinhardt: The Quintessential Universe.