Weetjes
De zeven balsemkruiden
Bazielkruid, lavendel, rozemarijn, marjolein, tijm, melisse, hysopBestuiving
In het algemeen trekken rode bloemen vlinders, en blauwe bijen.Geneeskracht
Blaartrekkende stoffen (zoals in sommige schermbloemen) zijn goed tegen vitiligo en psoriasis.Naamsverwarring
- Acacia
- Nederlands „kruidje-roer-me-niet” = wetenschappelijk „Mimosa”; Nederlands „mimosa” = wetenschappelijk „Acacia”; Nederlands „acacia” = wetenschappelijk „Robinia”. Het Latijnse „noli-me-tangere” (roer me niet) is de soortnaam van het springzaad.
- Geranium
- Geranium / Pelargonium
- Kummel
- (Zwarte) Kummel, etc. Zie Nigella
- Leverkruiden
- De naam „Hepatica” (< Grieks „ηπατικος”, ‚lever-’) verwijst naar het leverbloempje, maar is ook het woord voor ‚levermos’. In het laatste geval wordt het meestal in het meervoud gebruikt, „Hepaticae”. De naam „eupatorion” (< Grieks „ευπατοριον;” < „ηπατος”, ‚van de lever’) in de herbarius van Ps.Apul.betekent malrove, maar de naam is zinvol voor iedere plant met leverwerking, zoals leverkruid of agrimonie. De naam agrimonie (< Latijn „argemonia” < Grieks „αργεμωνη”) wordt in het Engels ook aan de malrove gegeven („hemp agrimony”). Het in het NOM-boek gelegde verband met Mithridates („ευπατωρ”) is zeer onwaarschijnlijk.
- Pimpernel
- Wetenschappelijk „Sanguisorba” = Nederlands „Pimpernel”; wetenschappelijk „Pimpinella” = „Nederlands bevernel”; Engels „Pimpernel” = wetenschappelijk „Anagallis” = Nederlands „guichelheil”.
- Zwaardbloemen
- hyacinthus, gladiola, iris